MIJMERINGEN – Oh, oh Berlijn II

Wat kan de tijd soms ineens vliegen, zonder dat je er echt bij stil staat. In juli schreef ik een stuk over Berlijn op mijn blog. Ik uitte mijn twijfels over de beslissing die we hadden genomen om te emigreren naar deze stad. Wist niet zeker of ze wel ooit ‘mijn’ stad zou kunnen worden. Gelukkig stop je nooit met leren.

We wonen nu bijna vijf maanden in Berlijn, waarvan ruim twee maanden in ons eigen appartement. Allebei zijn we in een prettig werk/ontspanning ritme terecht gekomen. Op een kaart van Berlijn houden we bij waar we allemaal hebben gelopen. Die begint nu best aardig zwart te worden.

Ik geloof dat de stad en ik vrienden beginnen te worden. Ik voel me er thuis. Het kost inderdaad even tijd om de stad voor je te winnen, zoals Vincent Kompier zo mooi aangaf in een comment onder mijn eerste artikel. Berlijn is een kattenstad, geen hondenstad. Je moet haar langzaam voor je winnen (overigens is Berlijn verder eerder een hondenstad, het lijkt wel alsof iedereen hier zo’n beest heeft…). Binnenkort staat een korte trip naar Nederland op de planning, voor een bruiloft. Ik zie er tegen op. Dat is een goed teken, want ik zie er tegenop omdat ik ‘thuis’ wil blijven. Berlijn is mijn thuis geworden, voor nu.

De Berlijnse cultuur blijkt er eentje te zijn die je als Nederlander niet vanaf dag 1 perfect doorhebt. Ook al zou je dat misschien in eerste instantie wel verwachten. Bepaalde dingen zijn wennen (bureaucratie, armoede, afstand). Bepaalde aspecten moet je even door hebben (zijn Berlijners nou echt aardiger in prive sfeer dan in zakelijke sfeer, waarom kan je hier niet overal pinnen?). Pas als je door de ‘eerste laag’ heen bent gebroken, kom je ineens achter de charme die de stad bezit. Zie je ineens dat deze stad niet is opgebouwd vanuit een centrum, maar dat elke wijk een eigen karakter bezit. Waar in Nederland je bepaalde gebieden in een stad hebt waar ‘het’ te vinden is, moet je in Berlijn soms wat langer zoeken. Niet alle leuke winkels en restaurants zitten in 1 straat. Ze zitten verspreid over allemaal verschillende straathoeken.

Bovendien heb ik ontdekt dat deze stad ook veel leuker is als je echt je ogen opent. Niet naar de grond staren, of op ooghoogte blijven kijken. Kijk eens wat hoger! Ineens ontdek je mooie balkonnetjes, bijzondere kunstwerken op gebouwen. Blijf niet over de gebaande paden lopen, maar zoek eens wat hofjes op. Daar liggen soms ware schatten verborgen.

In een weekend citytrippen ben je er volgens mij niet. Er gaat echt tijd overheen voordat je deze stad hebt leren kennen. Mocht je toch zo’n ‘spoedcursus Berlijn’  willen, lees dan dit artikel, door de eerder genoemde Vincent Kompier geschreven. Ik zou willen dat iemand me dat voor vertrek naar Berlijn had laten zien.